Homepage

                                      Er even tussenuit 

Het water van de rivier stroomt rustig door het groene landschap. Vanaf de oever aan de overzijde stijgt een aantal ganzen op om te vertrekken naar een onbekende bestemming aan de horizon. Aan deze kant een vrouw in de schaduw van een parasol op een zonnig terras. Ze roert nadenkend in haar koffie. “We mogen dankbaar zijn dat we hier weer op ons eigen stekje kunnen zitten. Maandenlang was dat niet mogelijk en voor het zelfde geld hadden we hier nooit meer gezeten.”

“Dat is wel zo,” reageert de vrouw op anderhalve meter afstand tegenover haar in de volle zon. “Maar ik heb toch nog meer heimwee naar Ecuador, waar ik vorig jaar vijf weken zat.” Zij past misschien wel meer in de schijnwerpers. Haar witte zomerjurk geeft veel prijs van haar zongebruinde en gespierde lichaam. Kastanjebruin geverfde lokken komen onder haar smetteloos witte zonnehoed uit.

De bleke huid van de ander is absoluut niet storend bij de kuitbroek van lichtblauwe spijkerstof en het gekleurde hemdje dat ze draagt. Haar dunne, grijze haar springt vrolijk alle kanten op wanneer ze haar hoofd beweegt. “Had je zo’n goede vakantie daar?”

“Ja, nou en of! Ecuador is misschien wel klein, maar wel het meest veelzijdige land van Zuid-Amerika. We hebben rommelende vulkanen gezien, watervallen in de Amazone jungle, kleurrijke poncho indianen, koloniale steden en een once-in-a-lifetime Galapagos eilandhop gemaakt. Wel een beetje eng trouwens, zo’n expeditie op een cruiseschip en even later met een bootje door de jungle peddelen. Nou ja, als je niet van die ‘rocky legs’ had, kon je ook van het ene naar het andere eilandhotel hoppen.”

“Een schip in de haven is veilig, alleen zijn schepen daar niet voor gemaakt,” zegt haar metgezel wijs, terwijl ze met een vork in een stevig stuk appelgebak prikt. “Het voordeel van je per schip te verplaatsen, is dat je de kans hebt om een stad vanuit een andere hoek binnen te komen. Voor Istanbul is dat bijvoorbeeld de beste manier. De skyline ziet er geweldig uit vanaf het water”.

Grappig eigenlijk, dat beide vrouwen van een leeftijd zijn waarop ze nauwelijks een paar generaties geleden in een bejaardentehuis zouden verblijven. Misschien wel degelijk in het zwart gekleed en regelmatig van een natje en een droogje voorzien. Met af en toe een zendingswerker op bezoek, die dia’s van een ver land liet zien.

De vrouw met de witte jurk schenkt nog wat ice tea in haar glas. Haar gelakte nagels glinsteren daarbij in de zon. Enthousiast vertelt ze verder: “Bij onze reizen waren er volop boeiende, lokale ontmoetingen. Tijdens onze homestay op het platteland, maar ook als een echte Indígena achter in de bak van een jeep onderweg naar een bergdorp, waar we een schooltje en een lokale ponchomaker bezochten. We sliepen de ene keer in een koloniaal patiohotel en schommelden elders heen en weer op de veranda van een junglelodge.”

“In het voormalige Constantinopel zijn de toeristische trekpleisters vooral De Blauwe Moskee, de Aya Sofia en de overdekte Bazaarmarkt. Net over de Galatabrug, die Europa en Azië met elkaar verbindt, smelten de Westerse vernieuwing en Oosterse traditie samen tot het kleurrijke en stijlvolle Karaköy. Een wijk met moderne musea, trendy restaurantjes en hippe designwinkels.”

Ze ziet opeens twee musjes dicht bij elkaar op het stuur van haar elektrische fiets zitten. “Moet je dat verliefde stel zien daar!” Ze kan het niet laten een paar gebakskruimeltjes op de grond te strooien, dat door de vogeltjes in dank wordt aanvaard.

“In het Andesgebergte stonden wij oog in oog met een lama, terwijl we paardreden langs de vulkaantoppen. Later peddelden we tussen zeeleeuwen in glashelder water,” gaat het reisverslag onverminderd door.

Intussen zijn een paar meeuwen op verkenning boven het terras verschenen. Opeens horen de babbelende vrouwen ‘pats’ en daar lig een plakkaat van een meeuw naast hun tafeltje, met enkele spetters op de lichtblauwe broek. Daar blijft het niet bij. Een volgende lading uitwerpselen komt precies op de mooie zonnehoed terecht. “Shit!” roept de eigenares. “Je moet dat gevogelte ook niet voeren.”

Haar terrasgenoot schiet in de slappe lach. “Sorry hoor. Zoiets verwacht je eerder aan de oevers van de Bosporus, waar vele vissers tussen de drukke scheepvaart te vinden zijn. Met zwierende meeuwen, die een visje proberen te verschalken.”

Met slechts een bescheiden glimlachje kijkt de Ecuador-gangster over haar zonnebril naar haar vriendin. “Ben jij vorig jaar dan ook op reis geweest? Ik dacht dat je anders in de zomermaanden nooit wegging.”

“Het laatste klopt,” grinnikt ze, “maar ik kijk wel naar alle reisprogramma’s op tv.”

Geniet van de kleine dingen
en maak er een mooie zomer van.

Met de groeten van  

Joop Sanner



Comments are closed.