Familie Bernouw-Jaarsveld

Gifkoning

Wanneer je je door genealogisch onderzoek verder gaat verdiepen in je afkomst, komen jaartallen, leeftijden en andere statische gegevens tot leven. Het schetst een beeld van hoe jouw voorouders geleefd hebben. Onvermijdelijk is natuurlijk dat niet alleen boeiende of vermakelijke dingen naar voren komen, maar ook zaken die je liever zou verzwijgen. Maar voor een compleet en realistisch familieverhaal horen ook zwarte bladzijden erbij.

In dit kader ditmaal een tekst over een inmiddels overleden lid van de familie Bernouw, die was betrokken bij het eerste grote gifschandaal in Nederland. Deze verontreiniging te Lekkerkerk kwam aan het licht in 1979, doordat een waterleidingbuis sprong die aangetast was door de inwerking van agressieve chemische stoffen. Nader onderzoek wees uit dat de hele nieuwbouwwijk gebouwd was op sterk verontreinigde grond. De bewoners werden begin juni 1980 geëvacueerd, zodat de grond afgegraven kon worden en gesaneerd. Daarbij werden zo’n 1600 vaten met chemisch afval uit de bodem verwijderd.
Twee bedrijven werden schuldig bevonden en beboet, waaronder het bedrijf waar ons familielid bij was betrokken.

Bernouw begon in 1955 met de verkoop van Esso smeermiddelen aan de binnenscheepvaart in Sliedrecht. Hij liet zich inschrijven bij de Kamer van Koophandel en vestigde zich in een pakhuis met twee bovenwoningen aan de Hooikade te Dordrecht. Daar begon hij het Bunkerstation Delta. De zaken gingen goed en al snel kwam er een compagnon bij. Er werd gewerkt met twee ondergrondse tanks van elk 12.000 liter plus een bootje van 30 m³. Wanneer ze in één week 10.000 liter verkochten was dat een topprestatie, terwijl er nu klanten zijn die in één keer 20.000 liter afnemen.
In 1958 kwam er een zogenaamde ‘bunkeropslaglichter’ voor de wal te liggen, die werd verbouwd tot winkelschip. Twee jaar later werd nog een opslagschip van Esso Nederland overgenomen. 
Op 1 januari 1978 kwam Delta in handen van andere eigenaars: de firma Stolk & Berends. Delta ontwikkelde zich daarna verder als een gerenommeerd Bunkerstation.  

Intussen was Bernouw al verbonden aan de Exploitatie Maatschappij Krimpen (EMK). Dit bedrijf startte in 1970 in Krimpen met het inzamelen van afvalolie om deze op te werken tot brandstof en daarna te verkopen. Deze handel bleek niet zo winstgevend, daarom ging de EMK over tot het inzamelen, opslaan en verwerken van (chemische) afvalstoffen, onder andere afkomstig van de chemische industrie en ziekenhuizen. Dit leverde later een ernstige milieuverontreiniging op het betrokken bedrijfsterrein op.

In 1975/1976 richtte EMK samen met een ander bedrijf de  ‘Recycling terminal Moerdijk’ (RTM) op, dat zich vestigde op het industrieterrein Moerdijk te Klundert. Bernouw maakte deel uit van de directie van dit bedrijf.
In 1978 werd RTM, samen met EMK en Drisolco, ondergebracht in de Uniser Holding BV.
In 1980 werd EMK failliet verklaard en RTM volgde waarschijnlijk in 1983.

In veel berichten uit de begin tachtiger jaren wordt het bedrijf Uniser als hoofdschuldige aangewezen voor het illegaal dumpen en de verkoop van verontreinigde grond en vloeistoffen. De zaak werd behandeld door de Arrondissementsrechtbank te Breda. De stukken met betrekking tot de strafvonnissen tegen de betrokkenen zijn niet openbaar toegankelijk.
De pers schildert deze personen af als grote criminelen en Bernouw wordt de gifkoning uit de Krimpenerwaard genoemd. Maar er is ook een krant waarin hij als een joviale man wordt omschreven.

Jaren later werden alle gebeurtenissen nog eens op een rijtje gezet in het programma ‘Andere tijden’ (2004-2005). Daardoor ontstaat toch wel een wat genuanceerder beeld dan oorspronkelijk werd geschetst.
In de jaren 60 werd nogal gemakkelijk omgesprongen met allerlei soorten afval.  Door de toegenomen welvaart en industrialisatie namen de hoeveelheden toe. Daarnaast was de vraag naar bouwgrond groot door de woningnood. Op sommige plaatsen, ook in Lekkerkerk, werden woonwijken gebouwd op vuilstortplaatsen om zo twee problemen met één project op te lossen. Bij de stort van het afval werd vaak onvoldoende toezicht gehouden waardoor bedrijven kans zagen om op een goedkope wijze zwaar chemisch afval te dumpen. Met betrekking tot Lekkerkerk werden doelbewust de media ingeschakeld om aandacht op de gifkwestie te vestigen en de Wet op de bodemsanering door het parlement te jagen.
In de berichtgeving werden aannames gedaan die achteraf niet op waarheid berustten. Foutieve metingen resulteerden onterecht in de conclusie dat het kankerverwekkende benzeen zou zijn gevonden.
Ten slotte zijn ook nooit medische gevolgen aangetoond, die rechtstreeks toe te schrijven zijn geweest aan de bodemvervuiling.

Pas in januari 2008 kwam de affaire Lekkerkerk tot een einde. De staat en de gemeente Nederlek sloten een overeenkomst met de bedrijven die betrokken waren bij het veroorzaken van de bodemverontreiniging. Ze benadrukten dat de schikking niet betekende dat ze (schuld)aansprakelijkheid aanvaardden.

Bronnen:

Wikipedia – Andere tijden: http://www.npogeschiedenis.nl
– Stadsarchief Dordrecht, – kadastrale leggers 1957-1960
– Serc.nl: http://krimpen-aan-den-ijssel.serc.nl/geschiedenis-krimpen-aan-den-ijssel/emk-terrein/
www.archieven.nl – Bunkerstation Delta Dordrecht: http://www.bunkerstationdelta.nl/
– Gemeente Krimpen aan den IJssel, Algemene informatie
– Historische Kranten, Erfgoed Leiden en Omstreken
– Leidsch Dagblad,  22 augustus 1981 en Reformatorisch Dagblad, 12-8-1981

Nieuwstraat Hedel

Mijn schoonfamilie is oorspronkelijk afkomstig uit Schiedam. De eerste voorouder die in de Bommelerwaard ging wonen was Johan Bernouw. Mogelijk dat hij als marinier bij het Engelsche Gat verbleef, het militair oefenterrein van de genietroepen in ’s-Hertogenbosch. In ieder geval ontmoette hij in die omgeving de weduwe Ardientje van Driel, moeder van twee dochtertjes, respectievelijk vier en negen jaar oud. Ze raakte van Johan in verwachting, ze trouwden en gingen wonen in de Kerkstraat te Hedel. Er werd een dochtertje geboren, dat ze Cornelia noemden.

   Twee jaar later volgde zoontje Klaas. Over zijn jeugd is niets bekend.  Volgens het bevolkingsregister werd Klaas samen met Johanna Vroegh, een dienstbode uit Herwijnen, op 12 december 1870 ingeschreven in de Nieuwstraat. Zij trouwden op 30 december.  

   Van de Nieuwstraat staat een mooie foto in het boekje: ‘De Bommelerwaard in oude ansichten’ (pag. 66, Hans Keser 1967). Zoals deze foto van rond 1920 is te zien, zagen de huisjes aan de Nieuwstraat er schilderachtig uit. Maar ze waren weinig comfortabel en klein voor de vaak grote gezinnen. 

Nieuwstraat omstreeks 1920


In het eerste huisje vanaf links woonde Krijntje de Groot. Klaas en Johanna trokken in het tweede huisje; misschien staat Klaas er wel voor, maar dat is nauwelijks waar te nemen. Naast hen woonde ene H. van Hekezen. Het vierde huisje is bekend van Hanneke Quik, de bokkenhoudster, voor wiens woning de ‘bokkekooi’ staat.

   Op 8 augustus 1871 werd zoon Jan Bernouw geboren, hij werd slechts twee maanden oud. Korte tijd later overleed ook Johanna op 28 februari 1872.

   Klaas hertrouwde op 25 juni 1875 met Sibilla Wolfert uit Hedel. Samen kregen zij maar liefst twaalf kinderen, die grotendeels allemaal opgroeiden in het woninkje aan de Nieuwstraat. Als zesde kind werd Cornelis geboren, de opa van mijn eega Ans Bernouw.
   Van die opa weten we overigens niet zo veel. Hij trouwde in 1914 met Alida Geraldina Hermina van Doesburg. Het paar kreeg vier kinderen, waaronder dus mijn schoonvader. Opa Bernouw was polderarbeider en verdronk op 64 jarige leeftijd.

Hoogleraar en schrijver

Zelf ben ik afkomstig uit een eenvoudige familie en mag ik graag eens wat schrijven. Mijn eega heeft echter een voorvader met een uitgebreid oeuvre, die ook nog eens hoogleraar was en zich daarnaast ontwikkelde tot een meer dan verdienstelijk amateur-schilder.
Voor alle genealogen en andere belangstellenden heb ik eerder deze Adriaan Barnouw op deze site nader voorgesteld. Dat artikel heb ik verplaatst naar de stamboom van de familie Bernouw-Jaarsveld op Geneanet. Het is daar te vinden bij de Familiekroniek en als notitie bij de betrokken persoon.
Op bijgaande afbeelding zien we hem overigens op een schilderij van Joep Nicolaas uit 1941. (Bron: Stichting Nederlands Literatuurmuseum en Literatuurarchief, Den Haag).



Comments are closed.