Familie Sanner-Den Dunnen

Over Elisabeth Sanner (1823-1852)

Onze familie Sanner is afkomstig uit Zwitserland. We hebben genealogische gegevens gevonden die teruggaan tot ongeveer 1655. Een belangrijke schakel in het historische verhaal vormt Ursus Sanner, die rond 1820 als militaire huurling naar Nederland kwam en met zijn compagnie naar Gorinchem trok. Hier begon dus de Nederlandse familie Sanner.
Waarschijnlijk ging hij met zijn maten stappen en ontmoette daarbij Alegonda Godel, een tien jaar oudere Gorkumse. Zij raakte zwanger van hem en ze besloten te trouwen.
Op 24 april 1852, ’s-avonds om half elf, werd hun dochtertje geboren. De aangifte vond de volgende dag plaats door haar vader, in het bijzijn van de getuigen Willem van Aken en Johannes Sizoo. 

Elisabeth had een kort maar bewogen leven. Als een van de weinige vrouwen uit haar tijd had zij een beroep: arbeidster. Ze raakte op haar 21e zwanger, terwijl ze nog ongehuwd bij haar ouders woonde. Er volgde nog twee (zoals dat heette: onechte) kinderen, voordat zij in 1852 trouwde met weduwnaar Cornelis Born.

Cornelis werd geboren in 1825 te Veen. Nog geen 2 jaar later overleed zijn vader op 24-jarige leeftijd. Bekend is dat Cornelis, in tegenstelling tot alle Sanners, niet kon  schrijven. Hij trouwde in 1845 met Jenneke Kamerman. Haar dochtertje van één jaar kreeg daarbij de naam Born. Samen kregen ze nog twee dochters. In 1851 overleed Jenneke. Volgens de overgeleverde verhalen woonde Cornelis met zijn drie kinderen in bij een rijke rentenierster. Hij runde het bedrijf voor deze weduwe, die Neeltje Noorloos wordt genoemd. Dat lijkt dubieus, want zo heette ook zijn moeder. In 1851 overleden twee dochtertjes vlak na elkaar.   Een jaar later trouwde hij met Elisabeth. Dat was kennelijk niet naar de zin van de weduwe (die misschien zelf wel iets in hem zag), want hij werd ontslagen en zij nam een andere bedrijfsleider.      

Elisabeth ging met haar drie kinderen en met Cornelis in Veen wonen. Nauwelijks een half jaar later overleed zij, op nog geen dertigjarige leeftijd en kort daarna ook haar zoontje Antonie en het laatste dochtertje van Cornelis. Misschien was er sprake van een ernstige, besmettelijke ziekte.
Zoons Johan en Leendert gingen terug naar opa en oma Sanner in Sleeuwijk. Over hun nakomelingen valt ook nog heel wat te vertellen.

Cornelis kreeg blijkbaar een nieuwe relatie met Elisabeth Fikter. Want volgens een overlijdensakte overleed hun zoontje Jacob op 5 januari 1854.
Daarna verliet hij zijn woonplaats Veen, om in 1864 te huwen met Grietje Melis uit Midwolda. Toen begin 1875 een eind aan haar leven kwam, trouwde Cornelis aan het eind van dat jaar met Adriana van Veen uit Woerden. Veel geluk was hem niet beschoren. Op 31 maart 1878 kwam in Leiden een eind aan zijn turbulente leven.

Overigens was Christiaan Sanner, de broer van de hiervoor beschreven Elisabeth, mijn directe voorvader. Per saldo is het toch wel heel bijzonder dat ondanks alle hobbels een familie zich eeuwenlang kan voortzetten en enorm kan uitbreiden. Een volgende keer daarover meer.

Er was eens…

Ik zie mijn grootmoeder Drika nog voor me, hoe zij naast ons woonde in Nieuwendijk. De verbouwde voormalige boerderij aan de Kildijk nummer 8 bevatte aan de linkerzijde  een grote, deels houten schuur, in het midden onze woonruimte en rechts het woongedeelte van opa en opoe Den Dunnen.
De belangrijkste herinnering uit mijn kindertijd is dat zij ontzettend goed verhalen kon vertellen, zo uit het blote hoofd. Zus Hennie en ik hingen aan haar lippen als zij ons in plat Nieuwendijks sprookjes vertelde of gedichtjes voordroeg. Het laatste deed ze trouwens ook nog op hoge leeftijd voor de bejaardenbond. Een van de ‘bestsellers’ daar was het hierbij opgenomen gedicht, in haar eigen handschrift.

Een andere herinnering die naar boven komt, is het feestje ter gelegenheid van de vijftiende verjaardag van zus Hennie. Er waren voor een  zaterdagavond wat vriendinnen en een paar jongens uitgenodigd.
We hadden enorm plezier. Er werd gelachen en gegild, want dat konden die meiden nogal. Totdat omstreeks half elf de pret wreed werd verstoord. De tussendeur naar het naastgelegen vertrek ging open. Opoe verscheen in vol ornaat, met nachtpon aan, haar in lange vlechten en een haast dodelijke blik. “Willen jullie nu eindelijk eens je mond dichthouden, dan kan ik tenminste gaan slapen.” Pa stond op en duwde haar voorzichtig naar haar eigen onderkomen. “Zo is ’t wel duidelijk moeder.” Maar ze bleef nog een tijd door pruttelen voor pa terugkeerde. Even was het nog heel stil in onze woonkamer, toen klonk het gegniffel. De familie Sanner voelde zich erg opgelaten, maar onze gasten konden de humor er wel van inzien. “Als ze dat nog een keer doet, timmer ik die deur dicht,” merkte pa op. Maar de deur bleef altijd open.

Op de ochtend van 2 maart 1981 wordt opoe door mijn moeder meer dood dan levend op bed aangetroffen. Ze blijkt een hersenbloeding gehad te hebben, waardoor haar linkerzijde geheel verlamd is en ze nauwelijks kan praten. Ze gaat eerst naar het ziekenhuis en op 31 maart naar verpleeghuis St. Agnes in Geertruidenberg. Daar wordt zij langdurig verzorgd en dagelijks bezocht door mijn ouders.
Vanaf 1 maart 1984 gaat de gezondheid van opoe snel achteruit. De behandelend arts merkt op: “Het is maar een klein vlammetje meer, maar het was een kaars van een goed soort.”
Op 19 maart even voor negen uur ’s ochtends overlijdt opoe in het verpleeghuis.
Ze bereikte de gezegende leeftijd van 98 jaar. Op 22 maart werd zij op de begraafplaats te Kille begraven.

Wie was Jan den Dunnen?

Lezers van een vorige bijdrage, over mijn ouderlijk huis in Nieuwendijk (N.Br.), zullen antwoorden: dat is de opa van Joop!
Inderdaad, mijn grootvader van moeders zijde heette Jan de Dunnen. Maar in zijn stamboom, die terug gaat tot ongeveer 1570, komen nog minstens vijf andere ‘Jannen’ voor. Over deze voorouders kan ik echter weinig vertellen. 
Zelfs van opa Jan kan ik me eigenlijk niet zo veel herinneren. Hij overleed toen ik 12 was. De meeste informatie over hem heb ik van horen zeggen of uit plakalbums van mijn moeder. Blijkbaar hield hij er niet van om gefotografeerd te worden. Er zijn niettemin diverse foto’s bewaard gebleven; het valt daarbij op dat hij meestal niet erg vrolijk kijkt. Ik heb maar de minst sombere foto uitgekozen.

Ik weet niet meer of opa op het laatst een beetje in de war was, of dat hij al eerder als niet zo handig bekend stond. Hij moest op een keer een eenvoudige sluiting voor de deur van het kippenhok maken. Dan kon door in het midden van een wervel (een blokje hout) een spijker te steken en die op de stijl van het kozijn vast te timmeren. Draaide je de wervel voor de deur dan bleef deze mooi dicht zitten. Opa spijkerde het blokje echter op de deur en was heel verbaasd dat de deur elke keer bleef openzakken.

Opa den Dunnen overleed op 23 september 1961. Volgens de rouwkaart na een langdurig geduldig gedragen ziekte, in een gezegende ouderdom van 77 jaar. In onderstaande uitsnede van een plakboek van mijn moeder staat dat haar vader op 12 augustus 1961 naar het Sint Theresia Ziekenhuis in Raamsdonksveer gebracht werd en daar is overleden. 
Zus Hennie en ik waren ook bij de begrafenis aanwezig, maar ik kan me daar niets meer van herinneren. Mijn moeder schrijft dat de begrafenis werd geleid door ds. O. van Oort, dit met vermelding van de gelezen Bijbeltekst. (oktober 2020)

Opa en opoe van Kildijk 8

Eenmaal begonnen met het digitaliseren en verder uitzoeken van de stamboom van de familie Sanner, had ik de smaak te pakken. De voorouders van mijn eega volgden in de stamboom van de familie Bernouw-Jaarsveld. Vervolgens mocht de familie van mijn moeder natuurlijk ook niet ontbreken. Zeker niet omdat ons gezin vroeger in hetzelfde huis naast opa en opoe Den Dunnen-Dekker woonde. Aanvankelijk stelde ik hiervoor een aparte stamboom op, maar later heb ik ‘DDD’ samengevoegd met de stamboom van de familie Sanner.

Helaas weet ik niet in welk jaar bijgaande mooie foto van mijn opa en opoe gemaakt is. Wellicht volgt later een afzonderlijke tekst over hen beiden. Nu eerst nog wat meer over mijn ouderlijk huis.

De bevolkingsregistratie is ingesteld op 1 januari 1850. Per adres werd bijgehouden wie er woonde. Het gaf niet alleen de situatie weer van het gezin in familieverband, maar ook inwonende dienstbodes of knechten komen voor in de registers. Dit gebeurde op zogenaamde Gezinskaarten, die werden gebruikt in de periode 1921-1940, tot de introductie van de persoonskaart.
Volgens de gezinskaarten van de gemeente De Werken en Sleeuwijk 1930-1940 woonden in die periode op Kildijk 8 in Nieuwendijk: Teunis Dekker en Barbera Zwijnenburg. Dat waren de ouders van mijn opoe Drika.

Op 30 mei 2019 publiceerde ‘Oud Nieuwendijk’ op Facebook een mooie foto van de boerderij van Teunis en Barbera. De datering ervan is onbekend, maar Kees Versluis kreeg deze foto van zijn tante Zus Hoeke-Colijn. Barbara Zwijnenburg was ook de overgrootmoeder van de vrouw van Kees. 

Barbara stond bekend als Beth van de Haai. Geen scheldnaam ofzo, maar streektaal voor ‘De Hei’, zo heette het gebied waar ze woonde. Het was een mondige en kranige vrouw, die naar verluid met een kruiwagen mest of iets dergelijks over een brede plank over een sloot liep. Teunis Dekker de man van Beth, was volgens dezelfde bron een stille man, die altijd zat te lezen.
Dat mijn overgrootmoeder bekend stond als een ‘haaibaai’ is misschien ook wel te verklaren uit het feit dat ze haar echtgenoot ruim 15 jaar overleefde.

Na haar dood in 1953 kocht mijn vader het pand. Ons gezin verhuisde vanuit Rijswijk (N.Br.) naar Nieuwendijk, opa en opoe Den Dunnen volgden vanuit het nabijgelegen dijkhuis Kildijk 12 (dat enkele jaren later af zou branden) naar Kildijk 8.
In het huis was nog duidelijk te zien dat ook hier het water van de watersnoodramp hoog had gestaan.
Jarenlang werkte pa er aan en creëerde voor het hele gezin een heerlijk woonoord. Er lag een groot erf omheen, met fruitbomen, en altijd liepen er kippen, eenden, konijnen, of andere kleine dieren rond.

september 2020

Herkomst van een achternaam

Studie naar de betekenis, de oorsprong en de verspreiding van namen wordt onomastiek genoemd, hetgeen naamkunde betekent.
Aanvankelijk gebruikte men één naam om mensen te onderscheiden. Door de groei van de bevolking en vanuit de behoefte om de iemands identiteit te versterken, werden vanaf de Middeleeuwen steeds vaker bijnamen gebruikt als nadere aanduidingen bij de voornaam. Zo’n achternaam vertelde dan bijvoorbeeld iets over hoe die persoon er uitzag, waar hij vandaan kwam, welk beroep hij had, of wie zijn vader was.
   De ontwikkeling van een voor- en achternaam tot een erfelijke familienaam, die van generatie op generatie in min of meer in gelijke vorm doorgegeven werd, was daarna nog een langdurig proces. Waarschijnlijk is de achternaam ontstaan in Italië en via Zwitserland en Frankrijk naar onze streken gekomen. 
   In het begin van de Middeleeuwen had circa 5-8% van de bevolking, voornamelijk bestaande uit edellieden, een achternaam. De oudst bekendste Germaanse namen dateren zelfs van begin 11e eeuw. Na het Concilie van Trente (1545-1563) werden burgers opgeroepen om een vaste achternaam aan te nemen.
   Pas toen de burgerlijke stand in 1811 in heel Nederland was ingevoerd werd de familienaam voor iedereen officieel vastgelegd. Personen die nog geen familienaam hadden, moesten er van keizer Napoleon een aannemen en laten vastleggen. Dat gebeurde in zogenoemde registers van naamsaanneming, die soms bewaard zijn. Wijzigingen in namen konden vanaf toen alleen nog bij Koninklijk Besluit worden doorgevoerd. Toch duurde het in sommige gevallen nog lang voordat ze volgens een vaste spelling werden geschreven.

Nu zijn wij natuurlijk benieuwd naar de oorsprong en betekenis van de naam SANNER.
Ik weet niet meer welke website het was, maar ergens kon je je achternaam invullen en dan rolde de betekenis er uit. Even vooropgesteld: bij alle officiële genealogische sites is de betekenis van de naam Sanner onbekend. Er is alleen informatie over stambomen en de verspreiding van mensen met een bepaalde achternaam. Bijvoorbeeld het CBG geeft aan dat in 2007 er in Nederland tachtig ‘Sanners’ woonden. En volgens Geneanet zijn er in 2020 wereldwijd meer dan 12.500 mensen met de naam Sanner of een spellingvariant daarvan.
Dus de bijgaande gevonden informatie lijkt niet echt betrouwbaar.

Bij deze varianten stond de volgende toelichting:
–              Sinds 1624:
In het verleden stonden mensen met de naam SANNER bekend om hun grote wijsheid. Hun wijsheid was zo beroemd dat belangrijke heersers grote afstanden reisden om het advies van mensen met deze achternaam te zoeken en om ze te smeken om in hun koninkrijk te komen wonen.
–              Sinds 1772:
Als iemand aan zelfdiscipline dacht, moest hij onvermijdelijk aan de Sanner-familie denken. Ze werden bewonderd omdat ze continu de zelfcontrole hadden om hun doelen te bereiken; in moeilijke momenten moedigden mensen elkaar aan om net als een Sanner te zijn.

Ik weet niet of de Sanners zich hierin herkennen. Voor buitenstaanders klinkt het wellicht een beetje arrogant. Ik laat het daarom aan de lezer over om eventuele conclusies te trekken.
Mijn broer Jan heeft echter uitgepluisd dat de oorsprong van onze familie Sanner ligt in het noordwesten van Zwitserland, in het plaatsje Beinwil, in het Kanton Solothurn, onder Bazel en vlakbij de Franse grens.  In deze regio waren er twee families ‘Sanner’, een in Beinwil en de ander in het buurtdorp Trimbach. De familienaam Sanner werd in het oude Duitse schrift geschreven als “Sañer”, met één ‘n’ en een streepje daarboven. Dat betekende waarschijnlijk dat de naam in werkelijkheid met twee n’s geschreven werd. Bij de komst van de schrijfmachine verdween dat streepje en werd de schrijfwijze ter plaatse ‘Saner’.
Rond 1820 kwam een Saner uit Beinwil naar Nederland en trouwde daar met een Gorkumse. Hij schreef zijn naam onder de trouwakte met een dubbel N en dat is vanaf dat moment bij zijn nakomelingen zo gebleven.
Overigens heb ik bij Family Search gegevens gevonden over de voorouders van deze eerste Nederlandse Sanner en die gaan terug tot ongeveer 1655. Best oud dus en per saldo ben ik ook best tevreden met mijn naam.  

Bronnen:
– CBG, Centrum voor familiegeschiedenis
– https://www.yory.nl/herkomst-van-een-achternaam/ (website van Yolanda Lippens)
– ‘Op zoek naar Ursus Victor Stephanus Saner’, J.C. Sanner, april 1982
– Family Search   

Urnen in Menting Poeloe

75 jaar bevrijd

In 2019 en 2020 herdachten we het beëindigen van de Tweede Wereldoorlog, 75 jaar geleden. Voor mij aanleiding om me nog eens te verdiepen in het oorlogsverleden van mijn familie. Dat heeft voor mij ook extra betekenis, omdat ik door mijn ouders vernoemd ben naar drie ooms die in Indië dienst hebben gedaan. Twee van hen keerden niet terug en staan als oorlogsslachtoffer te boek. Het betreft Johannes Christiaan Sanner (Jo, 1914-1945) en Peter Otto Sanner (Peter, 1925-1949). De derde oom Marinus Peter Sanner (Rinus, 1924-2015) keerde wel terug en kwam in mijn geboortejaar (1949) behouden aan in Nederland.

In deze tekst wil ik vooral aandacht besteden aan mijn oudste oom Jo.  Volgens het bevolkingsregister kwam hij vanuit Dussen op 18-9-1935 aan in Den Helder. Op 24-10-1935 vertrok hij naar Amsterdam en vandaar op 17-7-1936 als matroos 2e klasse naar de Marine-kazerne. Hij verliet de kazerne op 19-1-1937 om met Hr. Ms. De Ruyter naar Surabaya in Nederlands Oost-Indië te varen. Hij vervulde zijn dienst als marconist. Volgens andere bronnen (o.a. Wikipedia) vertrok het marineschip op 12 januari uit Nederland en kwam op 5 maart aan in Tandjong Priok, de havenstad van Batavia op Java.

Matroos Jo Sanner
Interneringskaart

Bekend is dat Jo werd bevorderd tot matroos 1e klas en in Surabaya een opleiding voor een hogere positie volgde. Tijdens die opleiding vond in januari 1942 een inval van Japanners plaats en werd mijn oom gevangen genomen. Na verblijf in verschillende krijgsgevangenenkampen werd hij als dwangarbeider meegevoerd naar Japan en is daar op 28 februari 1945 overleden in een van de Fukuokakampen. Er is een scan van zijn interneringskaart (Bron: Ga het na/Nationaal Archief), maar van de Japanse teksten worden we vooralsnog niet veel wijzer. Zijn lichaam werd vermoedelijk ter plaatse gecremeerd en zijn as in een primitieve urn vervoerd naar Indonesië. De urn kreeg een plekje op de erebegraafplaats voor Nederlandse oorlogsslachtoffers en militairen ‘Menteng-Poeloe’ bij Jakarta. Bij deze begraafplaats is een zogenaamde ‘simultaankerk’ aanwezig, met zo’n 700 urnen van Nederlands krijgsgevangenen. Mijn broer maakte er jaren later (in 1984) bijgaande foto. Tevens ligt op deze begraafplaats mijn oom Peter begraven, maar dat is een ander verhaal.

Waar komen de Sannertjes vandaan?

Wanneer je geïnteresseerd bent in je afkomst, dan ga je op zoek naar de roots van je familie. De oorsprong van onze familie Sanner ligt in het noordwesten van Zwitserland, in het plaatsje Beinwil, in het Kanton Solothurn, onder Bazel en vlakbij de Franse grens.  In deze regio waren er twee families ‘Sanner’, een in Beinwil en de ander in het buurtdorp Trimbach. De familienaam Sanner werd in het oude Duitse schrift geschreven als “Sañer”, met één ‘n’ en een streepje daarboven. Dat betekende waarschijnlijk dat de naam in werkelijkheid met twee n’s geschreven werd. Bij de komst van de schrijfmachine verdween dat streepje en werd de schrijfwijze ter plaatse ‘Saner’. 

Meer van onze familiehistorie is ook te zien in een digitale stamboom bij Geneanet, zie:
https://gw.geneanet.org/jsanner1